ALS Leven stroomt

Veerle

Onze geschiedenis verstrengelt zich schoorvoetend. Vanuit de scouts werden we kennissen. De vriendschap groeide vanuit een gedeeld gemis. Stijn en Karlijn, verdriet groeide uit tot hoop. Het vertrouwen dat we van jullie kregen om Anaïka als petekind te mogen omarmen deed zoveel deugd. Aze kwam tot rust in de armen van Greetje. Er was geen Karl zonder Greetje en geen Greetje zonder Karl en toch allebei zo uniek. Zo broodnodig voor ons.

Een gesprek ging nooit zomaar over iets. Het had steeds een missie, mogelijkheden onderzoekend, kritisch, in vraag stellend, nooit veroordelend. Beluisterend, nooit namen ze eigenaarschap over. Je legt je ei niet zomaar bij Karl en Greetje, ze nemen het aan, draaien het rond, polijsten het, nog een extra vraagje erbij en met het ei terug naar huis. Na de rit of na een nachtje slapen kon ik weer verder op mijn eigen manier.

Onze gezinnen groeiden samen op, Framilie. Engagementen werden uitgewisseld en houden tot vandaag stand.Onze kinderen vinden een tweede thuis bij elkaar. Lekker eten, een drankje en urenlang gesprekken voeren. Bij jullie mocht ik thuiskomen zoals ik was.

Vanuit de onzekerheid groeide de onrust en toen het onomkeerbare verdict viel kreeg je ziekte een naam. ALS, een sluipend, stil groeiende monster dat je lichaam innam maar nooit in je hoofd kon geraken. Wat ben ik dankbaar dat je me toeliet om je mee te verzorgen. Zo werd voor mij het onafwendbare draaglijk, dichtbij mogen zijn, een deeltje uitmaken van je gezin. Lastige momenten werden snel vergeten, een knipoog je glimlach, je dank je. En alles was weer ‘eventje’ goed.

Je nieuwsgierigheid naar de “spannende verhalen van de Kattebrug” elke week, ons babbelmoment. Tot ook dit te vermoeiend werd. Voor Aze, Karst en Miep werden jullie het rolmodel dat wij helaas niet konden bieden. Tot nu en voor altijd ben je voor hen onuitwisbaar.

Onze gesprekken gaan verder, via Greetje, via de kinderen, via mijn gedachten. Ik draag je voor altijd een stukje mee.